Grappig hoe alles zo in elkaar kan vallen. Ik zat net het nummer Califoria Dreamin’ te neurieën, een artikel te lezen van Leo Blokhuis over wie dit nummer zoals gecoverd heeft. En zojuist kwam ik een site tegen over het Whitburn Project. Dit laatste is een project van mensen die gek zijn op, of eigenlijk geobsedeerd zijn door Amerikaanse hitlijstjes en alle, maar dan ook alle gegevens over hits verzamelen en in een spreadsheet plaatsen. Tot nu toen zijn er vanaf 1890 zo’n 37.000 liedjes verzameld en tal van extra gegevens genoteerd, zoals duur van het nummer, het aantal beats per minuut, de tekstschrijvers, de uitvoerende artiest, de platenmaatschappijen, enzovoorts.
Uit al die gegevens kunnen ze gekste gegevens naar boven toveren. Wanneer waren er de meest one hit wonders, wat is gemiddelde lengte van een top 10 nummer in de periode 1960-1965 en welke artiest heeft de meeste top 10 hits gehad.
Zo blijkt uit dit project dat in de jaren zestig de meeste one-hit-wonders voorkwamen. De duur van een nummer in de jaren 50 en 60 was gemiddeld 2:30 en in de jaren ’90 was dat maar liefst 4 minuten!
Het langste nummer dat ooit in de Amerikaanse hitparades heeft gestaan is Harry Chapin’s live versie van A Better Place to Be (9.30 minuut) Dat had wat mij betreft nooit een hit hoeven worden. Wat een klote nummer! Kijk hieronder zelf maar. Het kortste is Little Boxes van The Womenfolk (1.03 minuut)
En hier kun je een artikel lezen van iemand die 2.42 minuut de perfect duur van een popliedje vindt. Hij heeft er een cassettebandje van gemaakt en op internet gezet.
En wat is nu het toeval waar dit artikel allemaal om begon: California Dreamin’ in de uitvoering van de Mama’s & The Papa’s. (more…)